Lawaai
Vinales, 23 januari 2013
Ter plekke blijkt een reservering voor een casa zoals zo vaak waardeloos en worden we naar een ander adres gestuurd, een huis van “sister of my wife”. Ons nieuw logeeradres blijkt een circus van geluid. De wind blaast door de niet te sluiten planken raamafsluiting zonder glas. Een varken gilt. Hanen kraaien van vroeg tot laat. Twee jonge honden blaffen onophoudelijk, overstemd door het voortdurend ontvlammen van luidruchtige conversaties van de mensen in Vinales, die allemaal onderling verbonden blijken te zijn. Een waterleiding ontbreekt. Regelmatig komt een vrachtwagen met een watertank en vult huis-aan-huis een reservoir. Onverschilligheid ligt over ons gastgezin, dat de hele dag wezenloos naar de televisie staart, die is aangesloten op een geluidsinstallatie, waarvan de bassen de fragiele wanden doen trillen. Cuba? No Problem!

Verkassen
Vinales, 23 januari 2013
We verkassen naar Villa Rosso, een verderop gelegen zuurstokhuis, dat in de LP hoog staat aangeschreven. Een wereld van verschil. Een binnenplaats met begroeiing en aanplant, terra cottakleuren en een bonte papegaai. We worden in gastvrijheid gedoopt. Dais neemt een douche. De avond valt. Het water klettert tegen de tegels. Buiten, in de ingevallen duisternis, raast een speelgoedauto over het plaveisel van de binnenplaats. Een kind drijft het voertuig aan met zijn hand en de fantasie. Het is verder opvallend stil. Het gedierte neemt een adempauze, schor of moe gekakeld, geblaft of gepiept: een lange werkdag en morgen weer actief. Ondertussen teistert een nieuwe plaag onze ruimte: bloeddorstige muggen scheren ons in grote zwermen tegemoet. Gekko’s om ze op te eten zijn er deze keer niet. En verder? Stroomuitval, gaten en scheuren in het wegdek, provisorische electriciteitsdraden als spinnenwebben over de gevels gesponnen: we hebben veel gezien vandaag. Openbaar vervoer per vrachtwagen. Vanmiddag toonde een tabaksplanter zijn vechthaan. Toen hij de veren verschoof, verscheen een uitgebeten plek. Speciale injecties en een dieet zouden het beestje moeten sterken, vertelde de eigenaar. Cuba? No Problem!
Trinidad
Trinidad, 24 januari 2013
Een lange busrit brengt ons vanuit de vallei van Vinales naar Trinidad, een in vele reisgidsen afgebeelde neokoloniale stad met een plattegrond als een dambord. Onderweg zien we veel liftende Cubanen, zwaaiend met bankbiljetten. Het beperkte openbaar vervoer maakt liften tot een noodzaak. Overal ratelt muziek. Buiten het centrum is de hand van de toeristische economie afwezig. Kinderen volgen hoorbaar hun lessen op school, zwerfhonden liggen loom in de zon. Vanuit woonhuizen wordt lokale waar verkocht. Stemverheffingen: Cubanen maken er een sport van elkaar op zo’n groot mogelijke afstand toe te roepen. Zowel in- als buitenshuis. de publieke ruimte gaat naadloos over in de openstaande huizen zonder glas. Ook in deze stad woekert de verkrotting. We zien een paar mannen een uit de jaren ’50 carrosserie getild motorblok repareren. Wat men hier met simpele middelen voor elkaar krijgt is ongelofelijk. Cuba? No Problem!


Stuurvlees
Trinidad, 24 januari 2013
Buiten de historische kern manifesteert het leven zich in vele facetten. We zien een varkenskop aan een fietsstuur, passeren een school, waar de leerlingen naar ons zwaaien vanuit het raam en reiken naar op straat uitgestalde handelswaar. Later doe ik een was op de hand aan een dubbele gootsteen op het terras van onze verdieping. Met borstel en zeep. Onze verhuurster geeft lachend instructies; dat heeft ze nog nooit gezien, een man die de was doet. Dais lacht mee en kijkt tevreden toe.


Fidel, armaturenkoning
Trinidad, 25 januari 2013
Héél Cuba wordt met klinische spaarlampen verlicht, opgelegd door het regime en door staatscontroleurs gehandhaafd. Daadkrachtig optreden van de Partij. Alle armaturen dragen de lampen van deze verlichte geest. Fidel is de armaturenkoning. Cuba? No Problem! Overal staan ramen en deuren open. Zelf vinden wij het gewoon dat alles van onszelf is. Dat we erover kunnen beschikken in onze van de buitenwereld afgesloten woonruimte. In Cuba lijkt alles publiek. Van iedereen.
Onderweg zien we van alles. Een schooljuffrouw schiet tijdens de les een peuk door het open raam naar buiten. Verderop onderhandelen twee mannen over een grote vis die nog met zijn bek aan een draad hangt. We passeren verschillende verkooppunten van vlees, fruit en groente. Cubanen laten hier hun bonnenboekje aftekenen. Een paar leren schoenen kost volgens het prijskaartje tweehonderd pesos. Dat is omgerekend vier dollar. Als ik naar het kaartje wijs, schudt de verkoper zijn hoofd en steekt vervolgens acht vingers omhoog: dubbele prijs voor niet-Cubanen. We laten ons voortdrijven door de straten in een afgelegen buurt. Onverharde wegen en schrijnende armoede.

Portret
Trinidad, 25 januari 2013
Een door de tijd behoorlijk aangetast schoolgebouw verrijst uit het landschap. Grote geschilderde portretten van Che en José op de schoolmuur. De communistische droom is uitgelopen op een karikatuur: weliswaar gratis onderwijs, maar geen geld voor het onderhoud van een schoolgebouw. Geen perspectief op een fatsoenlijk salaris en aangewezen op een inkomen dat te hoog is om failliet te gaan en te laag om redelijk van te kunnen leven. Stilstaan. Veel Cubanen weten echter meerdere bronnen van inkomsten te vinden. Naast een baan als ambtenaar, wordt taxi gereden, fruit verkocht, een casa verhuurd of in een bar gewerkt.
Een woeste wind omsingelt ons huis en veroorzaakt een spookachtig geluid tijdens het invallen van de duisternis. In de ochtend en in de avond, als wolken zich samenpakken, is het koeltjes, de Cubanen in dikkere kleding gehuld. Frio! De middagzon warmt de stad snel op en veroorzaakt een broeierige atmosfeer. Dais heeft een barret gekocht.

Ancon Beach
Ancon Beach, 26 januari 2013
In een vijfenvijftig jaar oude, maar gerenoveerde Lada, worden we van Trinidad vervoerd naar Ancon Beach. De jonge chauffeur, een kennis van de familie van onze casa in Trinidad, rijdt met spiegelbril. Hij beschikt over een Iphone, verstopt in een nis van de taxi. Heimelijke luxe. Een kadaver van een paard ligt langs de weg, ergens halverwege de route. We arriveren bij een resort voor een kort verblijf. Instantmuziek waaiert in flarden over het strand, waar we neerstrijken op een strandbed. Weinig gasten om ons heen, wèl maken we kennis met de vele vliegen, die talrijk landen op onze tassen, armen, gezicht en strandstoel. Cuba? No Problem!


Havana
Havana, 28 januari 2013
Dieseldamp trekt langs de gevel omhoog. Druk verkeer in oud Havana. Een sleutel valt aan een lang touw langs de voorgevel van een casa naar beneden, zodat de vrouw des huizes, die enkele kamers verhuurt, niet alle trappen hoeft af te dalen. Wij klauteren hoopvol omhoog , nadat we hebben aangebeld en zelf de deur met de sleutel geopend. We vinden een prachtige kamer, na een eerdere tocht langs duistere adressen, scheve panden en verborgen armoede. Uiteindelijk besluiten we een net gereserveerde kamer in zo’n achterafpand met een scheve overloop en een duizelingwekkende trap, niet te betrekken en ons verlies, een aanbetaling van 20 CUC, te nemen en te kiezen voor dit adres: een kamer met hoog plafond, een wiekende plafondventilator en een balkon met panoramisch uitzicht over een oud stadsdeel. Vanuit het balkon lijken de stadsbussen van speelgoed. Stilte is schaarser dan voedsel in Cuba. Alles drukt zich uit in geluid en herrie: “psst. Taxi?” De stem van een man galmt door de straten: “LEJO”blijft hij roepen. Vervolgens blaast hij op een fluit. Hij overstemt zelfs het verkeerslawaai. Er zijn velen zoals hij, met een handkar en handelswaar.


Malecon
Havana, 29 januari 2013
Opnieuw lopen we een rechthoek door de stad, wel twee of drie. Onze longen zijn gevuld met dieseldampen. Havana blijft een caleidoscoop van indrukken. We kopen een schilderij, bezoeken een galerij, drinken een sapje op het Plaza de Cathedral en zelf werk ik een van het vet druipende kip naar binnen, met een sponzig broodje geserveerd. We boeken voor onze laatste overnachting een kamer in een hotel aan de Malecon.
Havana
Havana, 30 januari 2013










